juffer in haar leefomgeving – damselfly in her environment

Advertisements

great hairy willowherb – harig wilgenroosje

 

 

Harig wilgenroosje groeit in natte en vochtige ruigten in zeer voedselrijke milieus. De soort is zeer talrijk in min of meerverruigde rietlanden, grote zeggenvegetaties, zomen van voedselrijke wilgenstruwelen en langs de oevers van rivieren, beken en sloten.

caterpillars of peacock butterfly – rupsen van dagpauwogen (3 foto’s)

 

Het ligt misschien niet direct voor de hand om de brandnetel als vlinderplant aan te merken. Toch is hij voor vlinders erg belangrijk: een aantal vlinders is er zelfs helemaal van afhankelijk. Zonder brandnetel kunnen ze zich niet voortplanten.

 

De dagpauwoog, de kleine vos, de atalanta en de gehakkelde aurelia kunnen niet leven zonder de brandnetel. Het zijn niet de vlinders die van deze plant eten, maar de rupsen. Zij lusten buiten brandnetel helemaal niets anders.

 

 

Als je zo’n rupsengroep tegenkomt kun je ze goed herkennen. De rupsen van dagpauwoog zijn zwart met een blauwige gloed en veel hele kleine witte stipjes. Die van kleine vos zijn bruinachtig zwart met flink veel gele tekening. Ook landkaartjesrupsen zitten in groepen bij elkaar. Deze zijn bruinzwart zonder verdere kleur, dus geen witte stipjes en geen gele tekening.

 

 

The caterpillars, which are shiny black with six rows of barbed spikes and a series of white dots on each segment, and which have a shiny black head, hatch after about a week. The chrysalis may be either grey, brown, or green in colour and may have a blackish tinge. The caterpillars grow up to 42 mm in length.

boomkikker – tree frog

 

De rug van de boomkikker is glad en doorgaans grasgroen gekleurd. Boomkikkers kunnen echter vrij snel van kleur veranderen en zijn soms geel, olijfgroen of donkerbruin. Op de buik is de huid vrij korrelig en vuilwit van kleur. Op de flanken loopt er een donkere streep die de rug en buik scheidt. De paringsroep bestaat uit een aaneenschakeling van zeer luide, korte en snel op elkaar volgende “krèk-krèk-krèk-krèk-krèk-krèk”-roepen die vooral ‘s avonds en tijdens de nacht gehoord worden.

a lucky sunny day – een gelukkige zonnige dag III (12 foto’s)

De Brielmeersen – een kerstlunch

 

 

Als dessert aten we overheerlijke kersen.

Maar de kers op de taart volgende net even later!

Een eekhoornjonkie…

 

 

En hier kon je ons dan ook vinden na een zonnige dag

 

 

… end of story.

a lucky sunny day – een gelukkige zonnige dag II (10 foto’s)

de Brielmeersen

 

een vlinder op een distel, een ooievaar in volle vlucht, een geitje dat te snel kwam aanlopen, een bloemetje hier, een bloemetje daar en natuur in volle glorie, je vindt het allemaal, klaar…

 

klik op een foto om te vergroten – click on a picture to enlarge

 

 

en als je na dit logje je grijze haren beu bent, doe dan zoals dit konijn…

 

 

Wordt vervolgd

a lucky sunny day – een gelukkige zonnige dag I (10 foto’s)

Een dagje in de Brielmeersen met Fotorantje.

 

Dat gingen we dan ook maar eens doen hé. Maar vooraleer we aan de speeltuin kwamen moesten we nog veel andere dingen ontdekken. Maar kom op weg…

 

 

Fotorantje speelde een thuismatch en kon mij dan ook perfect gidsen door dit mooie natuurgebied.

 

click on a picture to enlarge – klik op een foto om te vergroten

 

 

Wordt vervolgd

wandelen, walking in Leefdaal – de Voer (13 foto’s)

Een stukje wandelen langs de Voer in Leefdaal, smalle rivier tussen Tervuren en Leuven.

 

Click on a picture to enlarge – klik op een foto om te vergroten

 

Voer, oorspronkelijk Fura of Furo, is een wijd verspreide Germaanse waternaam. Denk maar aan de Limburgse Voer, de Veurs, de Vurre… afgeleid van bepaalde plaatsnamen zoals Tervuren, Voeren, Veurne… In essentie betekende Fura of Furo de glijdende, de stromende, de voerende, kortom waterloop of beek.

De bron van de Vlaams-Brabantse Voer ligt in het Kapucijnenbos in Tervuren, op een hoogte van ongeveer tachtig meter boven de zeespiegel. Via de vijvers van de Warande loopt ze door Vossem, Leefdaal en Bertem naar Leuven waar zij uitmondt in de Dijle op een hoogte van ongeveer vierentwintig meter. De beek is ruim vijftien kilometer lang. Het verval, dat in de bovenloop vrij belangrijk is, bedraagt gemiddeld vijf meter per duizend.

De Voer heeft geen bijrivieren tenzij enkele vlietjes die een aantal waterbronnen verbinden met de beek. Haar bekken heeft een oppervlakte van ongeveer 5 130 hectare. Het is langgerekt van vorm met een breedte die schommelt tussen drie en vier kilometer.

De beek onderging belangrijke menselijke ingrepen. Vijvers werden aangelegd, verschillende watermolens werden opgericht, een zekere kanalisatie van bepaalde trajecten en de overwelving van haar bedding in Leuven. Toch behoort haar loop tot de meest natuurlijke van Vlaanderen. Sommige delen van haar vallei zijn betoverend mooi.

Foto’s genomen in Leefdaal.

Bron: www

(Wordt vervolgd)

wandelen, walking in Leefdaal – Kasteel van Leefdaal Castle

 

 

Leefdaal is een dorp in de Belgische provincie Vlaams-Brabant en een deelgemeente van Bertem.

Heerlijkheid “Leven dale“, vermeld in de 12de eeuw; van 1410 af eigendom der de Merodes, nadien van 1674 af van J. de Brouchhoven en tenslotte, na 1775 in het bezit der de Liedekerkes.

Feodale burcht ter plaatse van het huidige gebouw; defensieve ligging op een terras van de heuvelhelling. Behouden middeleeuwse overwelfde kelder en trap. Zandstenen begane grond van de woontoren (oostzijde) uit de 15de eeuw. Ronde toren uit de 16de eeuw aan de noordzijde: baksteenbouw verlevendigd met zandstenen speklagen en oorspronkelijke gotische vensters.

Donjonverdieping door middel van muurankers gedateerd 1624; traditionele bak- en zandsteenstijl; peerspitsbekroning. De kapel uit de 17de eeuw, vooruitspringend ten opzichte van de noordoostvleugel, is voorzien van een vlakke koorsluiting. Talrijke aanpassingen uit dezelfde periode, voornamelijk aan de zuidoostgevel; trapgevels.

Een gravure in Brabantia Illustrata van le Roy (circa 1700) stelt het kasteel voor in een vrij op de huidige gelijkende toestand.

De ringmuur en poorttoren werden inmiddels evenwel afgebroken; slechts twee ronde torens vooraan zijn bewaard gebleven.

Wijzigingen aangebracht aan de achtervleugel tijdens de 19de eeuw. Versteviging van het gebouw door de architecten Bisschops en Langerock einde 19de eeuw.

Klein gebouw bij de ingang, in traditionele bak- en zandsteenstijl (17de eeuw); fraaie beboste omgeving.

Bron: erfgoed kasteel van Leefdaal

 

Leefdaal is a small town in central Belgium, in the Flemish Brabant. It is part of the municipality of Bertem.

The Italian scholar Lodovico Guicciardini who lived in Antwerp in the 16th century wrote in a history book that he published in 1565 about Leefdaal that it was the oldest castle of Brabant. It would date back to the second part of the 11th century. What we do know for certain is that the Lords of Leefdaal appeared for the first time in the 12th century. The very first castle that was built here would go back that far in time. The only thing remaining of that castle is a Roman cellar under what is now the garden.
In the wall of the keep we can read 1626, this is the year the castle underwent major changes. The family de Merode who owned the castle remodeled it in a major way. Antoon de Merode sold the castle after the restoration to Filip Helman who gave it to his daughter Anna Françoise as a wedding present when she married Jan de Brouchoven de Bergeyck. He was the son of Jan-Baptist and Helena Fourmont and she was the widow from her first marriage of the famous painter Pieter Paulus Rubens. Jan would live an important political, diplomatic life and would be elevated by Karel II, King of Spain to the rank of Baron. He died in his castle in 1725, mourned by many. Jan de Brouchoven de Bergeyck’s granddaughter Lucie married Count Gerard De Liederkerke Lord of Pailhe. Since that day the castle has been in the hands of the noble De Liedekerke family. In the 19th century the castle was restored but luckily they did not turn it into some romantic fantasy of an architect instead kept the castle pretty much in tact.
De Liedekerke is still living in the castle, so it is not open for visits. You can view the castle perfectly from the road; the whole area is a nice place to walk around. Take exit 22 on the E40 Brussel-Luik drive in the direction of Tervuren. At the traffic lights turn left in the direction of Leefdaal centrum where you will view the castle on your left side.

Source: Belgian Castles

(Wordt vervolgd)