Watermolen van Rotselaar – water mill / 2 (10 pics)

De start van de corona-maatregelen, er waren best nog wat meer vliegtuigen in het luchtruim.

Vanuit een ooghoek en vanuit de verte had ik twee witte vlekken opgemerkt en dat nodigde uit tot nader onderzoek.

Twee zwanen waren hun middagpauze aan het houden in het zonnetje.

Oeps te dicht moest ik niet naderen, er was er eentje een beetje boos aan het worden.

Dan maar veilig nog wat genieten van de omgeving van de Dijle.

Het wegje was ten einde en daar stond ik dan te midden van de boer zijn veld. Even over het veld naar de weg wandelen, het land lag er droog en hobbelig bij. Gelukkig kon mijn gesukkel niet veel kwaad aanrichten aan de gewassen.

Nog een laatste blik op de watermolen en weer richting huiswaarts. En hier zitten we dan nog steeds ‘in ons kot’ bijna een maand later.

EINDE – END

Watermolen van Rotselaar – Water mill / 1 (9 pics)

Het was 18 maart, de prille periode van de corona-maatregelen, toen ik op stap ging rond de watermolen van Rotselaar. Het weer was fris +/- 9° maar een helderblauwe hemel.

De Watermolen van Rotselaar of Molen Van Doren, in de erfgoedinventaris als Maalderij Van Doren vermeld, is een watermolen van het turbinetype op de Dijle, in gebruik als waterkrachtcentrale.

Momenteel is de molen een samenwoonproject van 9 huishoudens met een biogroenteteler en een bakker zie www.molenvanrotselaar.be

Ik ging een kijkje nemen bij de sluis en trapte bijna op dit groepje zwammen. Ze stonden te pronken in de zon.

Het verschil in niveau is duidelijk merkbaar voor de sluis en achter de sluis of omgekeerd. Over deze sluis vond ik geen belangrijke elementen. We weten wel dat de Dijle bevaarbaar werd gemaakt door de aanleg van sluizen rond 1327.

In een volgend logje stappen we nog wat verder de natuur in rond de Dijle.

Bron: molen van Rotselaar

Zennegat – Belgium / 2

Het duurde iets langer dan ‘morgen‘ vooraleer het tweede deel van het Zennegat werd gepost 🙂 . Maar hier is het vervolg.

Het kanaal Leuven-Dijle, dat begint in de Leuvense vaartkom en eindigt in het Zennegat, is één van de oudste kanalen in België. Na twee jaar graven ging het eerste schip hier op 23 juli 1753 te water. De Zennegatsluis staat eral vanaf het prille begin. Er zijn niet veel plaatsen waar je nog zo’n goed bewaarde 18-de eeuwse sluis kan bewonderen. Eens te meer omdat de sluis van het type ‘buiksas’ is. Die naam verwijst naar de halfronde uitsparingen in de wanden, die aan weerszijden voorzien zijn om ruimte te geven aan de geopende sluisdeuren. Ook de oude sluiswachterswoning staat er nog.

In het Zennegat vloeien de Zenne en het kanaal Leuven-Dijle in de Dijle. Iets verder op vloeit die samen met de Nete in de Rupel. Eeuwenlang woonden hier families van scheepsjagers. Met sterke trekpaarden en een lang touw trokken ze schepen door het netwerk van de waterwegen die hier samenkomen. Later bekoorde het gehuchtje heel wat kunstenaars en muzikanten, op zoek naar inspiratie.

Vandaag zijn de dijken vooral een geliefde plek voor wandelaars en fietsers.

https://www.sigmaplan.be/nl/projecten/dijlemonding/

Zennegat – Belgium / 1 (9 pics)

Zondag 15 maart had het KMI een relatief mooie warme dag beloofd. Nog vrij om te staan en gaan waar we wilden, met de nodige afstand, trok ik naar het Zennegat.

On Sunday March 15, the RMI promised a relatively nice warm day. Still free to stand and go where we wanted, with the necessary distance, I went to the Zennegat.

Het Zennegat is de plaats in Battel te Mechelen waar verschillende waterlopen samen lopen. De Zenne komt er samen met het Kanaal Leuven-Dijle (de Leuvense vaart) en stromen dan in de Dijle, die enkele honderden meters verder dan weer samenvloeit met de Nete om alzo de Rupel te vormen. Het stukje Dijle tussen het Zennegat en de monding in de Rupel wordt in de volksmond de Koestaart genoemd.

The Zennegat is the place in Battel in Mechelen where different watercourses run together. The Zenne meets the Leuven-Dijle Canal (the Leuven canal) and then flows into the Dijle, which merges several hundred meters further with the Nete to form the Rupel. The piece of Dyle between the Zennegat and the estuary in the Rupel is popularly called the Koestaart.

Veel mensen hadden hetzelfde idee om er op uit te trekken en er was dan ook veel volk te been en met de fiets.

Many people had the same idea to go out and there was a lot of people on foot and by bike.

Ook de watervogels waren goed vertegenwoordigd maar die zaten echt wel te ver om er met mijn 600 mm lens bij te geraken. Jammer.

The waterfowl were also well represented, but they were really too far to get there with my 600 mm lens. Unfortunately.

Het weer voelde helemaal niet zo lekker, het was koud, fris, bewolkt en winderig. Morgen gaan we toch nog een stukje bekijken.

The weather didn’t feel very good at all, it was cold, fresh, cloudy and windy. Tomorrow we will go and have another look.

Wordt vervolgd – to be continued

Antitankgracht Haacht I: bunker en balkensluis

 

 

 

De ‘antitankgracht’ van Haacht strekt zich over een lengte van 3 kilometer uit tussen de ‘Hansbrug‘ over de Dijle en het gehucht Wakkerzeel. Ze bestaat uit een steunmuur in beton geflankeerd door een gracht en voorzien van diverse kunstwerken, met name: een stuwdam aan de monding van de gracht in de Dijle, zowat 100 meter stroomopwaarts van de Hansbrug, en verscheidene kleine sluizen en onderaardse hevels, die verdeeld zijn over de ganse lengte van de gracht.

Deze sluizen en hevels staan in verbinding met de afwateringsstelsels van de omgeving. Her en der langs de gracht zijn ook ijzeren afrasteringen terug te vinden. Bij dit alles moeten ook de stroken grond met de aarden dijken aan weerszijden van de gracht gerekend worden en ook de kleine grachten aan de buitenzijde van deze dijken. De totale breedte van het systeem bedraagt gemiddeld 25 meter.

 

 

Bron: antitankgracht

Meanderen met de Dijle – meandering between the Dyle

 

Zalig streelde de zon mijn gezicht

warmde mijn stramme botten op

Gloeien van blijdschap

dat ik kon fietsen op een dijk

een kinderdroom…

de molen van Rotselaar

 

Het verhaal van de molen is eeuwenoud. De oudste vermelding dateert uit 1217. In dat jaar sterft de eigenaar van de molen: de Heer van Rotselaar, en de oudste zoon erft, onder andere, de molen. We kunnen er dus van uit gaan dat er hier al meer dan 800 jaar een watermolen op de Dijle staat.

De gebouwen die nu rond het erf staan dateren natuurlijk niet uit 1217, maar zijn een staalkaart van het bouwen doorheen 5 eeuwen.

 

 

 

Het oudste gebouw, de molenaarswoning, dateert uit 1573 en is opgebouwd uit een fundering en plint uit ijzerzandsteen, muren uit baksteen en een dak bedekt met natuurleien. IJzerzandsteen is natuursteen die hier in de heuvels van Rotselaar gewonnen werd (Diestiaan).

Deze woning verving een vakwerkgebouw: een gebouw opgebouwd uit een houten constructie ingevuld met een wissen vlechtwerk, leem en stro.

 

 

De witgekalkte molen dateert uit 1664: hij verving het vakwerkgebouw dat op het moleneiland stond. Tijdens de godsdienstoorlogen was de molen immers vernield. Pas in 1664 vond de Spaansgezinde Hertog de politieke en economische situatie terug geschikt om te investeren in de Molen van Rotselaar. Het bouwwerk werd de op 2 na grootste molen van de Nederlanden. Er werd niet alleen graan van boeren uit de omgeving vermalen, maar ook graan dat via de Dijle vanuit Antwerpen werd aangevoerd. De Dijle was bevaarbaar en samen met de nieuwe molen werd door bouwmeester Hanecart ook een nieuwe sluis op de Dijle ontworpen.

 

 

 

In de jaren 1930 bouwde men nog midden op het erf een gebouw met kantoorruimte bij en een hangar tegen de silo aan. Maar al voor de tweede wereldoorlog was het duidelijk dat de molen met zijn verouderend machinepark in een krappe behuizing niet opgewassen zou zijn tegen de grote maalderijen uit de buurt zoals Remy in Wijgmaal, Hungaria, Van Orshoven, de Dijlemolens, …in Leuven.
In 1968 werd voor het laatst gemalen. Het maalquotum werd verkocht, de machines verzegeld, de leren aandrijfriemen en ziften uit de plansichters verwijderd…

 

 

Vandaag is de molen van Rotselaar een veelzijdig en duurzaam project op een historische site. Met een waterkrachtcentrale die groene energie opwekt. Met een samenhuizenproject van negen huishoudens. Met biogroenteteler Werner die molengroenten en ander biolekkers verkoopt. Met bakker Gilbert die elke week de oude bakoven opstookt voor heerlijk brood. Met aandacht voor de waterkwaliteit: dagelijks halen ze een halve ton vuil uit het water. En dankzij de vistrap van de VMM kunnen vissen vrij migreren. Dat alles in een complex met een lange geschiedenis, mooi gerenoveerd voor zijn hedendaagse functies.

 

 

Bron: molen van Rotselaar