Postindustriële pagodes van Julos Beaucarne (5 foto’s)

In een weide recht tegenover de Ferme de Wahenge heeft Julos Beaucarne (zanger, dichter, beeldhouwer) zijn postindustriële pagodes gebouwd in het jaar 1999.

photo: Laurence Latour – internet

De pagodes maken deel uit van een project en spektakel waar het cijfer 9 een grote rol speelt. Vergeet geen 9 rondjes te lopen in de pagodes, en dit tegenwijzerzin, zoals de 9 planeten die rond de zon draaien. 

Zoals de 36 stenen van de megalithische site van Stonehenge in Engeland moeten deze pagoden de mensen de energie verschaffen om zich in het komende millennium in weer en wind een weg te banen naar het licht en de ‘postindustriële’ wereld van morgen met als motto de wereld ‘sera neuf ou veuf’. (Ernst Guelcher)

Vandaag blijft er heel wat minder over van deze pagodes en ze liggen er vervallen bij.

Net vernomen dat de restanten van de pagodes in januari 2021 in brand worden gestoken om ze te laten verdwijnen.

Donderdag 26 november

Volgende keer kijken we nog wat rond in het gehucht La Bruyère in Beauvechain.

Herinnering aan een steenbakkerij – memories of a brick yard

We denken aan het jaar 1963, zomervakantie en ik mocht een dagje mee met mijn vader. Voor hem geen vakantiedagje hoor, hij moest werken.

Hij reed met de vrachtwagen voor een bouwbedrijf en ging over heel België bouwmateriaal ophalen en leveren. Stel je maar geen vrachtwagens voor zoals vandaag met servostuur, airconditioning en kranen om het werk te doen. Neen, geen servostuur, geen verwarming, de motor zat tussen de twee zitplaatsen in de stuurcabine, een ijzeren stuur en je moest zelf je vrachtwagen vol laden en lossen met je twee handjes en je rug. Betonzakken, bakstenen die je met rubberen lappen aan je handen vier per vier moest laden een camion vol en daarna nog eens lossen, zand, cement, noem maar op en bedenk het maar.

Mijn vader was toen al 52 jaar en ik 10. Hij had al twee oorlogen meegemaakt. Ik mocht uitzonderlijk eens mee als hij me iets kon laten zien en die dag zou het gebeuren. We tuften over Vlaamse wegen, van West-Vlaanderen naar de Rupelstreek namelijk Boom, naar een steenbakkerij om bakstenen op te halen. Ik schrijf, we tuften, ja er waren rijkswegen maar nog geen autowegen. De eerste snelweg in België is aangelegd voor de expo in 1958, namelijk 100 km autostrade van Oostende naar Groot-Bijgaarden E40. Van de rit herinner ik me weinig, dat we boterhammen (stuten) aten en koffie, ik water met grenadine, dronken ‘s middags en ik mijn ogen uitkeek naar de voertuigen en huizen.

Als we bij de steenbakkerij aankwamen waren we niet alleen en moesten we wachten tot iemand ons kon helpen en zeggen welke stenen we mochten meenemen. In die wachttijd is mijn vader zo met mij door de ovens van de steenbakkerij gewandeld, buiten waar de stenen lagen af te koelen en te drogen en de plaats waar de klei in blokjes werd gedaan om in de oven te zetten om te bakken. Dat zie ik nog voor mij. Dat waren grote sites waar veel beweging en veel volk aan hetwerk was. Zou zeker niet voldoen aan de normen van veiligheid vandaag 😀.

Mijn vader is gestorven in 1990. Waarom deze herinnering? Enkele blogsters verloren de laatste maanden één of meerdere ouders, de feestdagen komen voorbij, herinneringen komen naar boven en deze bleef hangen. Een goede herinnering en daarom trok ik vorige zaterdag naar een site van een steenbakkerij in Boom. Een industrieel erfgoed dat op instorten na nog in stand gehouden wordt. De eens zo levendige streek ziet er daar vreselijk uit, verloren gegane glorie, faillissementen, bestaat niet meer. Eén steenbakkerij is er nog, een hele grote dan. Gelukkig zag ik dat de regio zich aan het herpakken is.

Het voelde goed om er rond te wandelen, ook een beetje spookachtig, vervallen, verlaten en aan het water, bar koud. Mijn sleepbeen wou ook niet mee, dus ben ik het na een uurtje mijmeren en enkele fotootjes afgetrapt en mezelf beloofd er nog eens naar terug te gaan op een mooie zonnige dag.

dubbel klik een foto om te vergroten – double click a picture to enlarge

Van brouwerij naar woongebied

Een stukje erfgoed. Het middengedeelte tussen toren 1 en toren 2 die overeind gebleven zijn, zal heropgebouwd worden. Er zouden nog materialen van het afgebroken middenstuk hergebruikt worden.
Het hele gebouw wordt gerenoveerd en omgevormd tot woongelegenheden, kantoren en handelszaken.
Van brouwerij naar woongebied.

De benedenverdieping I

20120521-220036.jpg

20120521-220103.jpg

20120521-220139.jpg

20120521-220253.jpg

20120521-220348.jpg

Nog even vertoeven we in deze zeer stoffige omgeving. Gelukkig kan de buitenlucht naar binnen stromen! En nu kijken of het restaurant nog open is en ik nog iets te eten kan krijgen want dat was eigenlijk de bedoeling, maar ik kon het niet laten “de gelegenheid maakt de dief” zegt het spreekwoord 🙂

Kleine dingen II

Kleine dingen: waar je ook rondzwerft even het werk van een ander tentoonstellen.

Graffiti is voor mij een vorm van kunst die ik niet kan uitoefenen maar ik ben er fan van en vind dat deze kunstenaars meestal in het duister moeten werken. Hun werken zitten dan ook verdoken onder een grijze massa.

Daarom zet ik ze nu even in het zonnetje.